Deeltjesvertrager

Kortschrift

De Eenzame Uitvaart

with one comment

Het zou in deze tijden onmogelijk moeten zijn dat er nog mensen zijn die in totale eenzaamheid het tijdelijke voor het eeuwige wisselen. Sommigen liggen dagen, soms weken tussen die twee werelden, soms al onopgemerkt aan de ene zijde, tot de geur van de eenzaamheid de buren begint te storen. Niemand die hen mist, niemand die naar een zakdoek grijpt om een eventuele traan te plengen, niemand die even uit de waan van de dag opkijkt, niemand die op een koude dag het ploffen van wat aarde op de kist hoort.
Tijdens hun leven al heeft het hen ontbroken, al dan niet zelfgezocht, dat speelt geen enkele rol, aan wat humane warmte, aan een bewijs van bestaan.
Nu het gapende gat hen wacht zijn ze zo mogelijk nog meer alleen. Het lijkt alsof ze weggemoffeld worden, of hun naam uit de geschiedenis wordt weggevaagd.
Natuurlijk kan poëzie de wereld niet redden. Redden van wat en is de wereld wel te redden?
Maar een streep schoonheid biedt troost en dat is wat mij in het project De Eenzame Uitvaart zo diep ontroert. Dichters begeleiden de eenzame doden naar hun graf. Op de website is een verslag te lezen over wie de dode was en hoe de begrafenis alsnog een eresaluut is voor de vergeten sterveling.

Op maandag 23 april 2012 bracht Menno Wigman het volgende gedicht :

Aarde, wees niet streng

Aarde, hier komt een eerzaam lichaam aan
waarin een magistrale zon is opgegaan.
Achter de ogen scheen een zomermaand,
het middenrif liep vol zacht avondlicht
en bij de hartstreek rees een tovermaan.

De handpalm voelde water, streelde dieren,
de voeten kusten stranden, kusten steen. Inzicht.
Er sloop vreemd inzicht in het hoofd, de tong
werd scherp, er huisden vuisten in de vingers
en de hand bevocht brood, geld, eer, seks, licht.

Je kunt er heel wat boeken over lezen.
Je kunt er zelf een schrijven. Aarde, wees niet streng
voor deze man die honderd sleutels had,
nu zonder reiskompas een pad aftast
en hier zijn eerste nacht doorbrengt.

Het verslag kan je hier lezen :

http://www.eenzameuitvaart.nl/eenzame-uitvaart-144-amsterdam/

Belgische versie :

http://www.eenzameuitvaart.be/

Na de dood van Menno Wigman :

Nummer 144

Moeder aarde, open je schoot opnieuw
het verspilde kind komt thuis.
De grimmigste maand strooit zijn donker licht
over de dodenakker van St. Barbara
en in de bomen knipoogt het Vinkenoog.

Wie je was, vanwaar toch die verlatenheid,
de zon die stijlvol in je onderging, woorden,
het vermoeden van gedichten, iets met
appelboom en bankjes, warme lange dagen
die na de lente branden van geluk.

Hoe mooi zijn de herinneringen, Curaçao,
het eiland dat ik nooit bezocht, of Amsterdam,
gure schoonheid die de harten breekt,
tot tweemaal toe en dan fataal.
Moeder aarde, open je schoot opnieuw.

Written by deltaking

19 februari 2021 at 9:40 am

Geplaatst in Poëzie

Tagged with

De oversteek.

leave a comment »

Het huis waarin wij wonen, de aangrenzende tuin,
we zochten naar verbinding, en inderdaad
de dunne haag gesloopt, onder de gemene grond
groeven wij een tunnel,
samen.

En in deze tuin van Eden de man
van de vrouw, aan zijn spit gekluisterd,
zonder teken van verzet
of verplichting, slechts
berusting in de schoonheid van de dag.

De gloed van het vuur via zijn ogen,
om zijn mond het geprevelde gebed,
blijf wat langer, we zijn elkaar,
dit doen we vaker.

Zonder spijt, we wisten van het vallen van de nacht,
van het doven van de sterren.
Wij zijn het huis waarin wij wonen.

Written by deltaking

8 februari 2021 at 3:37 pm

Geplaatst in Poëzie

Tagged with

Lisa

with 4 comments

Nu is je lichaam ontnomen aan het niets
als kind was je al doodgeboren
een moeder met armen als geweren
een vader waaraan je niet kon ontkomen
bedreigd en vertrappeld kindvrouwtje.

Of je gek was wou men weten
alsof iemand op jouw manier
een kindje op de wereld zet!

Meer dan vijftien lange jaren
naar de verkeerde kant van de deur gekeken
maar dat wist je, hoop ik, niet.

Nog even mocht je blijven
je foto in de krant
boze ogen door een goudgerande bril
net voor de wissel van de macht
kwam men je alsnog halen.

Wat een vreemde stoel.
Met draadjes?
When asked if she had any last words,
she replied, “No.”

Written by deltaking

27 januari 2021 at 9:25 am

Geplaatst in Poëzie

Eerste zang

leave a comment »



De inspiratie van de dichter

Vertel mij, Parnasside, hoe je vader
teder neerkijkt naar zijn negen dochters en zijn zoon
hij die de schoonheid en de orde
hoog in het vaandel draagt.

Daar waar op de hoge zangberg
de dichterlijke vervoering zich uit de rotsen stort
als water waarin de muzen kirrend baden
in de dan nog warme bron.

Hoe gevleugeld zijn hun gezangen
als een gouden paard verheven
in de harmonie der sferen.

Het galmend zingen van de nachtegaal
verdrijft het krassen van de eksters
uit de met gras begroeide vlakten van de Helikon.

En jij dan heerser van de zee
komt met de snelheid van de wind aangevlogen
op je gouden strijdwagen met van koperen hoeven voorziene paarden.

Uit Medusa’s bloed geboren met bliksem in het bloed
slaat Pegasus met zijn hoef en dwingt zo uit de stenen
de eerste druppels van de Hippocrene.

Onder de hyaden laven zich de dichters
tot woorden verschijnen van wijsheid
van schoonheid en van kracht.

Written by deltaking

23 januari 2021 at 6:12 pm

Geplaatst in Poëzie

Ik beken,

with one comment

de twijfels over de handelingen
met licht en de noodzakelijke duisternis.
Een deels bewandeld pad,
precies gemeten stappen,
wegzakkend in zompige modder.
Waar hingen mijn lippen
toen het water steeg?

Verward in doorgeknipte draden
en een weggevallen beeld, zie ik
een vage schaduw digitaal.
Wie nu niet spreekt wordt zonder dralen
voor een eeuwigheid op mute gezet.
Trouwens, waarom bel je niet
als ik opneem?

Ik ontken

De teloorgang van de handdruk,
het ontbreken van de steen,
de noodzakelijkheid in al zijn vormen
die zich nu, gehuld in zwarte gewaden,
in het denken infiltreert.

Ik beken dat ik ontken.
Alleen, vandaag heb ik voldoende moed
en draai ik zonder gêne
de spiegel naar u toe

Written by deltaking

20 januari 2021 at 1:04 pm

Geplaatst in Poëzie

Het weefsel der mensheid

leave a comment »

Een goede vriend maakt me attent op een pareltje van schoonheid.
Carlijn Kingma tekent kaarten, maar niet de kaarten zoals we die gewoon zijn.
De kaart navigeert ons niet door de wereld maar door de geschiedenis en de toekomst.
Mijn woorden zijn hier overbodig :
tijdens een audiotour van ongeveer twintig minuten neemt de cartografe u mee op een reis door de metaforenwereld van ‘Het weefsel der mensheid’

https://decorrespondent.nl/hetweefseldermensheid?fbclid=IwAR363gZE35hxKFNHfBrWf9gKbLBCx_GKn5a0pQJHs3o3feQ8JpFBXii718E

Written by deltaking

14 januari 2021 at 9:34 am

Geplaatst in Schoonheid

Hoopje

leave a comment »

Wie in zijn wens dat woord ontwaart
van toen de lente nog moest beginnen
verliest als schrijver al zijn zinnen
zijn letters zijn verbeurd verklaart.

Wat wij samen zouden overleggen
over zaad, plantgoed en voldoende mest,
over fris water dat de stekjes lest
niets nuttigs valt daarover nog te zeggen.

Het land staat vol met lege schuren,
geen kruid is tegen deze storm gewassen
oogsten zou nog even kunnen duren.

Het loopt hier voor geen anderhalve meter
witte handschoenen wapperen in de wind
misschien wordt het volgend jaar wel beter.

Written by deltaking

13 januari 2021 at 9:20 pm

Geplaatst in Poëzie

Alsmaar verder en verder

leave a comment »



Taal

Terwijl ik haar kuste
prevelde ze woorden in een taal die ik niet verstond.
Het klonk Zuiders, Spaans, Italiaans of zo.
Ik dacht: ze wacht op antwoord
dus kuste ik nog wat harder.

Hij schudde mij hartelijk de hand
sprak woorden in een taal die ik niet verstond.
Het klonk warm oprecht, broederlijk of zo.
Ik dacht: hij wacht op wederwoord
dus sloot ik mijn mond en lachte.

Toen ze samen wegliepen
riep ik woorden in een taal die zij niet verstonden.
Ze klonken als: verlaten, als kom terug of zo.
Zij dachten: hij wacht op onze groet
dus wuifden ze en was ik plots alleen.

Sombere dag

Die zondag lopen ze over de dijk met smetteloze schoenen
hoge hakken en ijzeren hielen klakkend
als bekken van vermoeide meeuwen.
De stroom schrijft een droef verhaal in de bedding
walst schepen naar de overkant waar een spie van zonlicht vergaat.
Alsof ze reeds geest geworden zijn
onopgemerkt in het middelpunt van al wat zich eventueel nog afspeelt.
Zijn witte donzen hand beschermend om haar broze vingers
elkaars gelijken in woordeloze vastberadenheid.
Achter hen weten ze verslagen hun schaduw met verhalen.
Denken ze aan papieren op de oude kast naast de kalender
met dode mensen?
Lachen is ongepast met een strik die de keel vernauwt en rouge die uit de lippen smeert.
Hun schrijden heeft de bravoure van protagonisten uit een opera.
Ongeveer onder de grote beer bereiken ze de sluis
en gaan stilzwijgend te water.
Achter hen geen sporen meer maar een teder geduw
naar het einde van de nacht.
Nog een keer maanlicht dat de spiegel breekt
en dan is alles goed.


Written by deltaking

11 mei 2019 at 9:23 am

Geplaatst in Poëzie

Tagged with

Bullebak

leave a comment »

Hij was rond de veertig, kort zwart haar, stevig torso en van gemiddelde grootte.
Toen ik de trein verliet in het station Guillemins Luik viel hij me al op.
Er waren veel reizigers uitgestapt en die baanden zich allen een weg richting uitgang of naar een ander perron.
De man liep net voor mij.  Er was iets in zijn tred dat me opviel maar ik wist toen nog niet goed wat.
Hij stapte heel robuust, vastberaden en met iets van ongeduldige haast in de mensenzee.
Daarbij werd hij gehinderd door een jonge man die ietwat talmde en iets leek te zoeken.
Door het verschil in snelheid leek een kleine aanraking tussen die twee figuren onvermijdelijk.
De jongeman was zich daar helemaal niet van bewust.  De andere echter zette zich schrap en toen hij zich ietwat draaide om zijn opponent een stevige por te geven zag ik de agressie in zijn ogen.
Het was zo duidelijk dat ik niet verschoot toen hij werktuigelijk op een heel woeste manier met zijn schouder in de richting van de jongeman  sloeg.  Hij miste echter en vloekend vervolgde hij zijn weg.
Nog één keer keek hij kwaad achterom waarbij mij opnieuw opviel hoeveel boosheid hij met zich meedroeg.  In zulke gevallen overkomt het mij vaak dat ik me voorstellingen maak over wat vooraf gegaan is.  Ontslag?  Gedumpt door de vrouw?  Maar deze keer voelde het anders.  Ik had meteen het gevoel dat de agressie een fundamenteel gegeven was van het wezen van die man.  Meer nog, ik besefte dat hij zeer bewust gekozen had om zo door het leven te gaan.  Het was een van de blokken waarmee hij zijn imago had opgebouwd.  Een mix van machogedrag en empatisch onvermogen bij gebrek aan beter.
Over die dingen zat ik te denken op de trein die me naar Marloie zou brengen toen een luide geeuw me uit mijn overpeinzingen haalde.  Ik draaide mij om en daar zat de bullebak, enkele meters verder.
Hij staarde me aan met een ‘Wat scheelt er man?’ blik waardoor ik snel terug mijn lectuur opzocht.
Onder de tafeltjes tussen de banken zit steeds een metalen vuilbakje.  Het is vrij moeilijk om dit na gebruik zacht te sluiten.  Er zit wat veerkracht op de scharnier waardoor  het deksel  met veel lawaai dichtklapt.  Ervaren reizigers weten dat en beheersen de kunst om door iets langer vasthouden het bakje betrekkelijk zacht te sluiten.  Maar soms klinkt dus een luide slag wanneer iemand zich ontdaan heeft van een chocoladewikkel of zo.
Het is ongezien dat dit geluid zich op een minuut tien keer voordoet en telkens van op dezelfde plaats.  Het hoeft geen betoog dat deze eer de bullebak toekwam.  De andere reizigers bekeken mekaar begrijpend, verenigd in dezelfde ergernis.
De bullebak had er dorst van gekregen en dronk gulzig van een grote, plastic fles mineraalwater.
Toen deze bijna leeg was drukte hij er stevig in wat een luid gekraak teweeg bracht.
Zeer amusant moet hij gedacht hebben want gedurende een kwartier was dat zijn spelletje.
Terwijl keek hij iedereen uitdagend en met een smerige grijns aan.
De trein kwam aan in Marche en Famenne.  Bijna alle passagiers stapten hier af, ook de woesteling.
Opnieuw ergerde hij zich blauw aan de te trage reizigers die het perron afwandelden naar de uitgang.
Terwijl hij de rest meewarig bekeek besloot hij hen de pas af te snijden.  Hij stapte resoluut over een kleine borduur en liep als een dolle hond door de grasberm.  Vanachter het raam zag ik hoe hij met  schokkende schouders en met woeste kop door het gras beende. Plots stond hij als versteend stil.
Hij draaide zich om en ik zag de verbijstering in zijn ogen overgaan tot bloedstollende coleire.
Hij hief zijn rechterbeen omhoog om de onderkant van zijn schoen te bekijken en nu werd zijn kop rood en zijn ergernis blauw.  Briesend keek hij rond of de hond nog in de buurt was.
Er had zich een lichte nevel neergevleid boven de stationsbuurt.  Het maakte het tafereel nog surrealistischer.  Op de baan liep een verscheidenheid aan mensen, elk met hun eigen gedachten en verwachtingen huiswaarts.  Voor de ene wachtte een heerlijke maaltijd, voor de andere een frisse pint en een potje biljart. In die gelukzaligheid zagen ze de man niet.
Die stond iets verderop als een gek met zijn schoen over een graszode te schuren.
Toen de trein zich in beweging zette bleef ik met een zalige glimlach alleen achter in de coupé waarin de rust nu was wedergekeerd.

Written by deltaking

9 maart 2018 at 2:27 pm

Geplaatst in Kortverhaal

Hart

leave a comment »

Voor Menno

Wat een gemis
voor de grachten van Amsterdam.
Je logge lijf doorklieft de zwarte spiegel
waarin geen maan meer licht.
Dichter bij de stad kan je niet komen.
Een schim met letters in zijn kop en schuim op de lippen.
Wat zijn de hoeren stil, getooid met nachtschade
laten ze zich niet meer lezen.
Het eenzaam tikken
van vingers op zacht katoenpapier.
Met te diepe zucht
klapt alweer een bundel dicht.

Written by deltaking

8 maart 2018 at 10:42 pm

Geplaatst in Poëzie

Prent van de week

Gertrudsdottir schrijft over de kunsten

RIEke

RIEke's moods of the moment

deintro.wordpress.com/

Uw introductie in muziek

Erato

Suus Cuique Crepitus Bene Olet

Dagboek van een roerloze reiziger

--------------------------------------------------- Jongetje kijkt naar buiten. En naar binnen. ----- Over gemis en verlangen. ---------------------------------------------------

HOOCHIEKOOCHIE

kroniek van een kamertjeszondaar

Running Currahee

Three miles up, three miles down.